Foppe Thomas (1849-1918)

Beetgum Tram

Plaats In De Stamboom
Ouders: Thomas Foppes Dijkstra (1819-1893) & Jantje Ritskes Fierstra (1823-1908)
Grootouders: Foppe Thomas Dijkstra (1784-1859) & Ybeltje Hendriks van der Meulen (1786-1821)
Overgrootouders: Thomas Meinderts Dijkstra (1754-1814) & Antje Foppes Fopma (1749-1823)

Foppe Thomas Dijkstra werd op zaterdag 30 juni 1849, des morgens ten half zes ure te Beetgum geboren. Hij was daarmee het eerste kind van vader Thomas Foppes Dijkstra en moeder Jantje Ritskes Fiertstra. Na Foppe zou er nog één kind geboren worden; Jantje in 1853. Een heel klein gezin dus voor het midden van de 19e eeuw. Beetgum was al generaties lang de thuishaven voor de Dijkstra familie. Men werd er geboren, trouwde er in werd er begraven. Thomas Meinderts (1754-1814) werd er al geboren en het is heel goed mogelijk dat de Dijkstra’s in Beetgum nog veel verder teruggaan. Foppe werd geboren in de luwte van de 19e eeuw. De wereld veranderde wel, zoals het altijd had gedaan, maar in een gestaag tempo. Ook in de landbouw ging het goed en de jaren na 1860 werden ook wel de champagne jaren genoemd. Maar dat alles veranderde tussen 1875 en 1895, toen grote delen van Europa getroffen werden door een agrarische crisis. De bittere armoede die daarop volgde was een vruchtbare voedingsbodem voor het socialisme, ook in Beetgum.

In 1861 was bij wet bepaald dat een soldaat bij de Nationale Militie “ligchamelijk voor de dienst geschikt, ten minste 1,56 el lang” moest zijn. Dus 1 meter 56. Foppe was, voor zijn tijd, een boom van een vent, want met zijn bijna 1 meter 75 zal hij boven menig tijdgenoot uitgetorend hebben. Toch werd hij in 1869 vrijgesteld van militaire dienst omdat hij de eenige wettige zoon in het gezin was. Maar dankzij de keuring is er wel een beschrijving van hem bewaard gebleven:

  • Lengte: 1 el 748 strepen
  • Aangezigt: ovaal
  • Voorhoofd: hoog
  • Oogen: bruin
  • Neus: groot
  • Mond: ordinair (=gewoon)
  • Kin: idem
  • Haar: blond
  • Wenkbraauwen: idem
  • Merkbare teekenen: geen

Een grote vent met een grote neus, bruine ogen en blonde haren dus. Hij was 25 jaar oud, toen hij op woensdag 9 september 1874 in het huwelijk trad met Maartje Gerbens Brouwer. Maartje was op woensdag 6 september 1854, des avonds ten negen ure te Menaldum geboren en was het vierde kind van vader Gerben Riemers Brouwer en moeder Bregtje Folkerts Damstra. Foppe’s vader Thomas was gardenier (hovenier) van beroep, net als Maartje’s vader Gerben. De ouders en schoonouders waren bij de huwelijksplechtigheid aanwezig. Hieronder de handtekeningen van Foppe en Maartje en hun ouders. Als getuigen traden op:

  • Fetze van Solkema, 29 jaar, klerk, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd
  • Ids van der Ploeg, 45 jaar, klerk, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd
  • Christiaan Michiel de Vries, 69 jaar, politiebediende, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd
  • Jan Pieters, 50 jaar, veldwachter, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd

Hand Foppe en Maartje

 Foppe en Maartje zouden samen de volgende kinderen krijgen:

  1. Thomas, 24 augustus 1875 te Beetgum – 13 december 1943 te Beetgum (68 jaar)
  2. Brechtje, 2 juli 1877 te Beetgum – 8 maart 1916 te Beetgum (38 jaar)
  3. Jantje, 2 augustus 1879 te Beetgum – 2 september 1946 te Beetgum (67 jaar)
  4. Gerben, 11 september 1881 te Beetgum – 21 november 1956 te Beetgum (75 jaar)
  5. Antje, 18 juni 1884 te Beetgum – 22 juni 1884 te Beetgum (3 dagen)
  6. Antje, 9 januari 1887 te Beetgum – 14 oktober 1969 (plaats onbekend) (82 jaar)
  7. Janke, 2 augustus 1890 te Beetgum – 13 augustus 1972 te Leeuwarden (82 jaar)
  8. Maartje, 7 september 1893 te Beetgum – 20 februari 1978 te ’s Gravenhage (84 jaar)

Zoals gezegd tuimelde Nederland in 1875 bijna letterlijk van de ene op de andere dag in een landbouwcrisis. Een crisis die alles bij elkaar twintig jaar zou duren. De gevolgen waren desastreus. Het waren eindeloze jaren van honger en armoede en veel gezinnen waren gedwongen te bedelen om in leven te blijven. Beetgum was enorm gegroeid in de vette jaren voorafgaand aan de crisis en vele landarbeiders en gaardeniers (hoveniers) hadden er werk gevonden. Ook hier kwam de crisis hard aan en velen van hen verloren hun baan. En zeker in het leven van Foppe is die crisis in alles voelbaar. Toen hij in 1869 gekeurd werd voor de militaire dienst, had hij laten noteren zonder bedrijf te zijn. Nu was dat op zich niet uniek, hoewel de meeste jongens in hun 19e levensjaar al vele jaren aan het werk waren. Maar ook bij zijn huwelijk in 1874 gaf hij aan geen werk te hebben. Terwijl hij op het punt stond een gezin te stichten. Sterker nog, op woensdag 16 september 1874 verliet hij het ouderlijk huis en betrok samen met zijn vrouw Maartje een woning te Beetgum. Vervolgens gaf hij bij de geboorte van Thomas (1875), Brechtje (1877), Jantje (1879), Gerben (1881), Antje (1884) en andermaal een Antje (1887) steeds opnieuw aan zonder beroep te zijn. In 1887 was hij achter in de veertig, maar nog altijd zonder werk. Hij zal hier en daar als los werkman wat verdiend hebben, maar bij de officiële gebeurtenissen in zijn leven (keuring, huwelijk en de geboorte van zijn eerste zes kinderen) was hij steeds zonder baan. Hoe Foppe en zijn vrouw het hoofd boven water hebben gehouden, is een raadsel. Maar het is hen gelukt en zeven van de acht kinderen zouden de volwassen leeftijd bereiken. Pas bij de geboorte van zijn dochter Janke in 1890 liet hij gardenier als beroep aantekenen. Ze hadden zich erdoorheen geslagen, nu konden de goede jaren beginnen.

En toen ineens, in slechts een paar dagen tijd, overleed Maartje. Ze stierf op vrijdag 28 januari 1898, des voormiddags elf uur te Beetgum. Maartje Gerbens Brouwer werd slechts 43 haar oud. Het was een mokerslag voor Foppe en zijn kinderen, want dochter Janke was bijvoorbeeld nog maar 7 jaar oud en de kleine Maartje was nog maar vier. Dochter Brechtje was in 1897 getrouwd en was het huis al uit, terwijl zoon Thomas in juni 1898 zou trouwen. Foppe bleef dus achter met vijf opgroeiende kinderen. Ondanks dit alles, hertrouwde hij pas drie jaar later.

Overlijden Maartje

In 1901 werd de stoomtramverbinding tussen Leeuwarden en St. Jacobi-Parochie geopend. Wie in Leeuwarden ’s morgens om half negen de tram nam, kon om tien over negen op station Beetgum uitstappen. Of wie in Beetgum om tien over drie in de stroomtram stapte, kon vijf over half vier in St. Jacobi-Parochie zijn. Let wel: dit waren plaatselijke tijden, want begin 20e eeuw was er nog geen standaardtijd. Bij de dienstregeling werd dan ook vermeld: men lette er op, dat de cijfers volgens plaatselijke tijd gegeven zijn. Met andere woorden: elke streek had zijn eigen tijd en zo zat er een kwartier tijdsverschil tussen het oosten en westen van Nederland (het tijdsverschil met Duitsland bedroeg zelfs veertig minuten!). Dus even snel op de dienstregeling kijken hoe laat de tram kwam, was er niet bij. Want het kon heel goed zijn dat elf uur plaatselijke tijd, vijf over elf in een andere plaats betekende. Toen een koopman in 1901 beroofd werd, schreef een verslaggever: “Toen hij daar weg kwam, spoedde hij zich naar het tramstation om met de tram, die van 10 uur 35, dus vijf minuten voor elf (plaatselijke tijd), zich naar huis te begeven.” Een verschil dus van maar liefst twintig minuten! Toch, wie ervoor openstond kon in amper drie kwartier van Beetgum naar Leeuwarden reizen. Het is jammer dan we nooit zullen weten wat Foppe van deze nieuwigheid vond. Heeft hij ooit, al was het slechts eenmaal en al was het misschien omdat de kinderen het zo graag wilden, maar heeft hij ooit van de tram gebruik gemaakt? Of zetten hij zijn klompen in het zand en wilde hij er niets van weten.

Foppe was inmiddels 51 jaar oud, toen hij op donderdag 10 januari 1901 in het huwelijk trad met de 54-jarige Antje Pieters Visser. Antje was geboren op zaterdag 21 februari 1846, des morgens ten twee ure te Pingjum. Daarmee was zij het eerste kind van onderwijzer Pieter Ales Visser en Elisabeth Tozijns Bokma. Vader Pieter was pas op 42-jarige leeftijd getrouwd en was 46 jaar toen hij zijn eerste kind kreeg. Na Antje zouden er nog twee kinderen in dit gezin geboren worden. Antje was in 1868 in het huwelijk getreden met Rense Andries Miedema, maar Rense was in 1888 overleden. Samen hadden ze tien kinderen gekregen en in 1901 woonden er hooguit nog twee kinderen bij moeder Antje in huis. Haar dochter Pietertje trouwde op donderdag 3 januari 1901, precies een week voor haar moeder. Foppe was (gelukkig) nog steeds gardenier van beroep en woonde nog altijd in Beetgum. Antje woonde in 1901 ook in Beetgum. Haar beide ouders waren al overleden, net alles Foppe’s vader die in 1893 was overleden. Zijn moeder leefde nog, maar of zij bij het huwelijk aanwezig was, is niet zeker. Ze ondertekende de akte in ieder geval niet. Hieronder de handtekeningen van Foppe en Antje. Als getuigen traden op:

  • Johannes Cornelis Tamson, 56 jaar, gemeente secretaris, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd 
  • Fetze van Solkema, 55 jaar, klerk, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd 
  • Eise Felkers, 29 jaar, klerk, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd
  • Christiaan Kalverboer, 59 jaar, veldwachter, woonachtig te Menaldum, aan de gehuwden vreemd 

Hand Foppe en Antje

Er is vrijwel niets bekend over het leven van Foppe en Antje. Ze kregen geen kinderen en Foppe’s naam is slechts eenmaal terug te vinden in het notarieel archief: in 1914 als vader en voogd over zijn jongste dochter Maartje. Daarna zwijgen de archieven en de kranten in alle toonaarden. Toch, de crisisjaren waren voorbij, dus laten we hopen dat ze samen een iets makkelijker leven hebben gehad.

Uit de rouwadvertentie van Foppe kunnen we opmaken dat hij aan het einde van zijn leven ernstig ziek was. De woorden “een lang en smartelijk lijden” spreken in deze boekdelen. Hij overleed op woensdag 12 juni 1918, des voormiddags ten twee uur te Beetgum. In de overlijdensakte staat dat hij in Beetgum woonde, terwijl zijn vrouw Antje de rouwadvertentie in Beetgumermolen opstelde. Nu liggen de dorpen slechts 1,3 kilometer van elkaar verwijderd, maar toch. Ook de dankbetuiging werd opgesteld in Beetgumermolen. Het kan zijn dat Antje direct na het overlijden van haar man tijdelijk bij familie in Beetgumermolen verbleef, want ook haar eigen rouwadvertentie zou uiteindelijk vanuit Beetgumermolen geschreven worden.

Overlijden Foppe

Dank Foppe

Antje zou Foppe nog vele jaren overleven. Ze overleed op vrijdag 10 november 1934, des voormiddags te vier uur te Beetgum. Antje Pieters Visser werd 88 jaar oud. Foppe werd begraven bij zijn eerste vrouw Maartje, terwijl Antje in het graf van haar eerste man werd bijgezet. Dat zal uiteraard te maken hebben gehad met grafrechten en dergelijke, maar toch is het een lieve en ontroerende gedachte.

Overlijden Antje

Graf Foppe en Maartje

Advertenties