Sybrigje Hilbrands (1791-1872)

Sybrigje Hilbrands werd op vrijdag 11 februari 1791 te Lollum geboren, en aldaar gedoopt op zondag 6 maart 1791. Zij was het 3e kind van vader Hillebrand Jelles (Bruinsma) en moeder Willemke Johannes Noordof. Haar zusje Lijsbeth (1786) en haar broertje Johannes (1788) waren haar voorgegaan. Daarnaast groeide ze op met een aantal oudere halfbroertjes en zusjes; kinderen uit het 1e huwelijk van vader Hillebrand.

Top

Net als bij zoveel andere namen, werd ook de naam Sybrigje op vele manieren geschreven, want het was aan de desbetreffende ambtenaar om te bepalen hoe een naam gespeld werd. Eenduidigheid was daardoor soms ver te zoeken. Zo schreef de ene ambtenaar dus Sybrigje, terwijl een ander meende dat het Sibrigje moest zijn. Of Siebrichje, Sibrichje, Sybrichje, Siebrigje. Onze Sybrigje komt dan ook in verschillende vormen voor, maar ik heb ervoor gekozen de spelling te gebruiken die bij haar geboorte gebruikt werd.

Sybrigje was 32 jaar oud, toen ze op zondag 18 mei 1823, om 11.00 uur in de ochtend te Franeker (in het statige pand van de Burgerlijke Stand voor Franekeradeel) in het huwelijk trad met de 37-jarige Willem Pieters de Vries. Willem was op donderdag 20 april 1786 te Menaldum geboren en aldaar op zondag 7 mei 1786 gedoopt. Zijn vader Pieters Sjerps de Vries was gardenier van beroep (kweker van groente) geweest, maar was inmiddels overleden. Zijn moeder Altje Gerbens was amper 5 maanden voor het huwelijk overleden. Sybrigje’s ouders waren echter nog in leven en waren beide bij het huwelijk aanwezig. Willem woonde te Tzum en was kooltjer (vrije boer) van beroep, Sybrigje woonde te Arum, waar ze werkte als dienstmeid. Sybrigje kon wellicht alleen haar voornaam en patroniem schrijven, want de naam Bruinsma bleef achterwege. De letters grwa zijn zichtbaar achter haar naam, geschreven in het handschrift van Sybrigje, dus wie weet heeft ze toch geprobeerd haar achternaam te schrijven. Als dat werklijk zo is, dan is dat een ontroerende gedachte. De getuigen waren:

  • Hilbrand Jelles Bruinsma, 79 jaar, boer, woonachtig te Lollum – vader van de bruid
  • Jelle Hilbrands Bruinsma, 47 jaar, koopman, woonachtig te Franeker – halfbroeder van de bruid
  • Jakob Jakobs Strikwerda, 38 jaar, boer, woonachtig te Tzum – aangehuwde broeder van de bruid 
  • Kornelis Zijlstra, 38 jaar, winkelier, woonachtig te Franeker – vreemd aan bruidegom en bruid

Hantek

In 1811 (onder Franse vlag) werd de dienstplicht ingevoerd. Willem werd pas in 1815 opgeroepen voor de militaire keuring. Hij was toen inmiddels 29 jaar oud en werd op grond van leeftijd vrijgesteld van militaire dienst. Sybrigje en Willem zouden geen kinderen krijgen en vestigden zich te Achlum, in een gebeid dat bekend stond als De Vlaren. In september 1827 vervoegden ze zich bij notaris Stinstra te Franeker en lieten er hun testament opstellen. Tien jaar later, in mei 1837, verhuisden ze van Achlum naar Tzum, bijna 8 kilometer verderop. Zo zien we in onderstaande advertentie dat Willem vlak voor de verhuizing het nodige te koop aanbood in zijn oude woning te Achlum: melkkoeien, paarden, schapen, koperen en houten emmers, aardkarren, een ploeg, melkvaten en nog veel meer.

Verhuizing Willem

In Tzum huurden ze de historische zathe (hoeve, landgoed) Nij Herema voor een periode van 6 jaar en een huursom van 924 gulden. Omgerekend zou dat nu 21.089 gulden zijn, ofwel 9.569 euro. Het landgoed Nij Herema bestond al ver voor het jaar 1700 en was heel lang het bezit van de familie Schwartzenberg. In 1829 echter was de boerenplaats in bezit van het Westerhuis Vrouwengasthuis te Franeker en dat is later ook zo gebleven. De hoeve werd in 1861 afgebroken, samen met het poortgebouw dat toegang gaf tot het landgoed. Alleen de gracht rondom het erf is bewaard gebleven. Na de sloop werd er weer een boerderij gebouwd. Deze staat er nog steeds en het land eromheen is onder andere in gebruik als camping. (zie hieronder, met een deel van de originele gracht). Maar Sybrigje en haar man Willem woonden dus in de oude, originele hoeve.

Nij Herema

In maart 1851 overleed Willem’s broer Tiede Pieters de Vries en erfde hij een bedrag van 2.881,09 gulden (wat nu neer zou komen op 70.353 gulden, ofwel 31.925 euro). Echter, Willem werd niet de eigenaar van dit bedrag, maar de zogenaamde fideï-commissaris. Dit betekende dat zijn broer Tiede had bepaald dat Willem dit bedrag niet in zijn eigen testament mocht opnemen. Willem mocht dit bedrag vrijelijk besteden, maar mocht er bij zijn overlijden nog een restant over zijn, dan zou dit resterende bedrag teruggaan naar de oorspronkelijk erflater: Tiede Pieters de Vries.

Lang zou Willem het bedrag niet ter beschikking hebben, want hij overleed op donderdag 22 februari 1855, des morgens ten zes ure op de hoeve, genummerd 118, te Tzum. Willem Pieters de Vries werd 69 jaar oud.

Sybrigje was 11 dagen voor het overlijden van haar man 64 jaar oud geworden en was de enige erfgename. Ze bleef nog 2 jaar op Nij Herema wonen, maar verhuisde in 1857 naar een wijk in Tzum die bekend stond als De Bovenburen. Ze woonde daar in een breed pand, met links van de straat af gezien de grootste kamer. Daarnaast had het huis 2 kleinere kamers, waarvan eentje met een bedstede, een keuken, een bergplaats en een zolder. Het pand werd in 1969 gesloopt. Sybrigje zou hier relatief kort blijven wonen, want in 1860 verhuisde ze voor de laatste maal, ditmaal naar een woning op het Westelijk Achterom te Tzum. Het huis waarin ze woonde was in 1846 gebouwd. De kamer en voordeur waren aan de straatkant en achter de kamerbedsteden lag de keuken, met daarin nog een 3e bedstede. Achter de gang was een portaal met de achterdeur en aan de kant van de vaart was een stenen hok gebouwd. Het pand werd in 1970 gesloopt.

Sybrigje overleed om middernacht, op donderdag 12 september 1872, in het huisje op het Westelijk Achterom te Tzum. Sybrigje Hilbrands Bruinsma werd 81 jaar oud.

SPB