Johannes Jacobs (1815-1882)

Woensdag 3 mei 1815 was een droge, half bewolkte voorjaarsdag. Om elf uur in de morgen stapten Jacob Jacobs Strikwerda, Ypke Wybes Dijkstra en Jacob Jenkes Mulder het stadhuis van Tzum binnen. Daar liet Jacob noteren dat op maandag 1 mei 1815, om 10.00 uur in de morgen te Tzum, uit hem comparant en Lijsbeth Hilbrands Bruinsma een zoon was geboren, welke hij verklaarde de voornaam van Johannes te willen geven. Ypke en Jacob traden op als getuigen, waarbij Ypke de geboorteakte niet mede ondertekende, omdat hij aangaf niet te kunnen schrijven.

TzumAs2

Johannes was het vijfde (en naar later zou blijken: het laatste) kind in het gezin. Zijn zusjes Willemke (1808), Lutske (1809) en Jacoba (1811) en zijn broertje Ieme (1812) waren hem voorgegaan. Alle kinderen zouden de volwassen leeftijd bereiken, wat vrij uitzonderlijk is in deze periode in de geschiedenis.

Tussen 5 en 10 april 1815 (dus amper een maand voor de geboorte van Johannes) vond er een enorme vulkaanuitbarsting plaats in Indonesië. De uitbarsting van de vulkaan Tambora was de zwaarste uitbarsting in de 19e eeuw, en volgens velen de zwaarste in de geschiedenis van de mensheid. Het jaar erop, 1816, staat dan ook bekend als het jaar zonder zomer. De link tussen de uitbarsting van 1815 en de wereldwijde catastrofes in 1816 werd trouwens pas in 1920 gelegd. De gemiddelde zomertemperatuur in 1816 was dan misschien normaal, maar het weer kon plotseling omslaan en in de Verenigde Staten daalde het kwik naar winterse waarden, vergezeld met sneeuw, ijs en vorst. In Europa was de zomer van 1816 koud en nat, met zware regen en onweersbuien. De gevolgen waren desastreus: de oogsten mislukten en er braken hongersnoden uit. De hongersnood en overstromingen veroorzaakten vervolgens weer tyfus en cholera epidemieën. In de ‘zomer’ van 1816 schreef de Leeuwarder Courant dat er uit verschillende gemeenten in de province Gelderland treurige berichten kwamen over de tegenwoordige watersnood, en dat door het bederven van den oogst en het doen stilstaan van den arbeid, een onbeschrijfelijke armoede was ontstaan. Op sommige plaatsten, gaat de verslaggever verder was het al zoo ver gekomen, dat de geringe volksklasse zich met klaver en draf voeden moest. Johannes was nog veel te jong om er weet van te hebben, maar zijn ouders zullen zeker de gevolgen van het rampjaar 1816 hebben gevoeld.

scienze-classificazione-vulcanica_b2a5e9a592a9ff2585850e6b6006f595

Johannes was nog maar 18 jaar oud (en is daarmee recordhouder) toen hij op zaterdag 25 mei 1833, om 13.30 in de middag te Tzum in het huwelijk trad met de 23-jarige Gerrytje (Gerritje) Pabes Hiemstra. Gerrytje was op donderdag 28 december 1809 te Welsrijp geboren en aldaar gedoopt op zondag 14 januari 1810. Ze was het 5e kind van vader Pabe Gerrits Hiemstra (koopman te Winsum in 1833) en moeder Janke Douwes Terpstra. Gerrytje was dienstmeid van beroep en woonde in 1833 te Tzum. De ouders van Johannes en de vader van Gerrytje waren bij het huwelijk aanwezig. Gerrytje’s moeder Janke was toen al overleden. Gerrytje en Lijsbeth Hildbrands, Johannnes zijn moeder, ondertekenden de akte niet, beide niet kunnende schrijven. Als getuigen traden op:

  • Jacob Jacobs Strikwerda, 49 jaar, koemelker, woonachtig te Zweins, vader van den bruidegom 
  • Pabe Gerrits Hiemstra, 61 jaar, koopman, woonachtig te Winsum, vader van den bruid 
  • Jan Tjallings Tjallinga, 65 jaar, assistent van de grietenij, woonachtig te Franeker, vreemd aan bruidegom en bruid
  • Rein Klazes Westra, 37 jaar, assistent van de grietenij, woonachtig te Franeker, vreemd aan bruidegom en bruid

Hand Johannes

Johannes en Gerrytje kregen de volgende kinderen

  1. Janke, 24 oktober 1834 te Tzum – 9 november 1912 te Arum (78 jaar)
  2. Elisabeth, 21 september 1836 te Franeker – 11 februari 1837 te Franeker (4 maanden)
  3. Jacob, 29 oktober 1837 te Franeker – 8 november 1921 te Waaxens (84 jaar)
  4. Luutske, 13 april 1841 te Franeker – 25 september 1855 te Franeker (14 jaar)
  5. Elisabeth, 9 juni 1844 te Franeker – 12 juni 1928 te Idzega (85 jaar)
  6. Antje, 27 april 1847 te Franeker – 5 maart 1921 te Arum (73 jaar)
  7. Akke, 31 mei 1848 te Franeker – 19 januari 1850 te Franeker (1 jaar)

Franekerc3

Tussen eind 1834 en eind 1836 verruilde het gezin Tzum voor Franeker, waar Johannes het beroep van kooltjer (groentekweker) uitoefende. En net als zijn jongere broer Ieme was ook Johannes met enige regelmaat bij de notaris te vinden. Het is daarbij opvallend dat het in 1836, 1840, 1842, 1845, 1846 en 1847 ging om het opstellen van een obligatie (schuldbrief), waarbij Johannes Jacobs steeds opnieuw de schuldenaar was en iemand anders de schuldeiser. In 1836 en 1840 ging dat om een bedrag van 300 gulden, wat nu neer zou komen op ruim 6900 gulden, ofwel ruim 3100 euro. In 1842 ging het om een bedrag van 100 gulden (omgerekend 2300 gulden, ruim 1000 euro), en bleek de schuldeiser onze bloedeigen Pieter Hilbrands Bruinsma te zijn. In juni 1847 was het notaris Schot te Franeker die de verkoop aankondigde van onder andere:

1847

Daarna verdwijnen Johannes en Gerrytje van de radar. Pas in 1882, bij het overlijden van Johannes, vinden we ze terug in Lollum. Johannes overleed op donderdag 12 januari 1882, des avonds ten negen ure. Hij was nog steeds als arbeider werkzaam en werd 66 jaar oud. Vincent van Gogh liet rond diezelfde dag de volgende notitie in zijn dagboek na: Het tekenen wordt hoe langer hoe meer een hartstocht bij me, en dat is een hartstocht als die van een zeeman voor de zee. Gerrytje verruilde Lollum voor Arum, waar ze haar laatste dagen sleet. Misschien bij een van haar dochters Janke of Antje, die ook in Arum woonachtig waren. Gerrytje overleed als Geertje, en wel op vrijdag 25 juli 1884, des nachts ten een ure. Ze werd 74 jaar oud.

Advertenties