Jacoba Jacobs (1811-1887)

TopJJS

Jacoba Jacobs werd op vrijdag 8 februari 1811 te Tzum geboren, en aldaar gedoopt op zondag 17 februari 1811. Zij was het 3e kind (het derde meisje ook) van vader Jacob Jacobs Strikwerda en Lijsbeth Hilbrands Bruinsma. Haar zusje Willemke was in 1808 geboren, haar zusje Luutske in 1809. Na Jacoba zouden er nog twee kinderen in dit gezin geboren worden: Ieme in 1812 en Johannes in 1815. En zo groeide Jacoba dus op met 2 oudere zusje en 2 jongere broertjes.

Jacoba was 35 jaar oud toen haar oudere zus Luutske in 1840 overleed. Zeven jaar later, in januari 1847, overleed haar vader. Ze was toen als dienstmeid werkzaam in Kubaard. Een paar jaar later verruilde ze Kubaard voor Parrega en was ook daar als dienstmeid werkzaam.

Parrega

Het duurde lang, erg lang, voordat Jacoba in het huwelijk trad. Ze trouwde op 38-jarige leeftijd, op zaterdag 19 mei 1849 met de 46-jarige Jochum Tjallings Ypma. Ook Jochum was nooit eerder getrouwd geweest. Hij was op maandag 9 augustus 1802 te Lollum geboren en aldaar op zondag 22 augustus gedoopt. Zijn vader hield daarbij zijn zoontje ten doop (hij was doopheffer). Jochum van het 2e kind van vader Tjalling Ypes Ypma en Trijntje Jochums Wijngaarden. In mei 1849 was Jochum boerenknecht van beroep en woonde hij in Kubaard. En zoals gezegd woonde Jacoba in 1849 te Parrega en was dienstmeid van beroep. Jochum’s ouders waren overleden, net als Jacoba’s vader. Alleen moeder Lijsbeth Hilbrands Bruinsma was nog in leven, maar in de trouwakte staat niet vermeldt dat zij bij het huwelijk aanwezig was. Als getuigen traden op:

  • Bauke Talkema, 29 jaar, klerk, woonachtig te Bolsward, aan de echtelingen van familie vreemd
  • Willem Piers Bakker, 53 jaar, veldwachter, woonachtig te Bolsward, aan de echtelingen van familie vreemd
  • Johannes Leenderts Rosier, 51 jaar, veldwachter, woonachtig te Burgwerd, aan de echtelingen van familie vreemd 
  • Wijpke Cornelis Baarda, 44 jaar, veldwachter, woonachtig te Tjerkwerd, aan de echtelingen van familie vreemd

Handtekeningen Jacoba en Jochum

Cholera was een van de gevreesde ziektes in Europa gedurende de 19e eeuw en heeft zelfs in de 21e eeuw in Afrika nog honderdduizenden slachtoffers gemaakt. Al in het midden van de 19e eeuw werden besmet (drink)water en cholera met elkaar in verband gebracht. Maar dat betekende nog niet dat de ziekte kon worden voorkomen of bestreden. In 1848-1849 werden delen van Europa, inclusief Nederland, door cholera geteisterd. In Londen alleen al maakte het virus ruim 14.000 slachtoffers. Dat soort aantallen zijn moeilijk te bevatten en Jozef Stalin had gelijk toen hij zei: de dood van een miljoen mensen is een statistiek, de dood van één mens is een tragedie. Zo werd een straatarm gezin in Wirdum getroffen door het cholera virus. Eerst raakte het kleine meisje in het gezin besmet, een paar dagen later de moeder. Op 19 juli 1849 schreef een Friese boer in zijn dagboek dat de moeder zo ziek was dat zij niets meer kon doen voor haar huisgezin en ziek dogtertje, waarvan zij zooveel hield. De stervende vrouw had haar man gesmeekt voor haar te bidden, omdat zijzelf niet konde bidden. Zowel moeder als het kleine meisje zouden aan cholera overlijden.

Hushed 1877 by Frank Holl 1845-1888

Jacoba en haar man Jochum zouden zelf geen kinderen krijgen. Op donderdag 20 september 1849, dus slechts 4 maanden na het huwelijk, vervoegden Jochum en Jacoba zich bij de notaris en lieten er hun testament opstellen.

Was echtgenoot Jochum in 1849 nog werkzaam als boerenknecht, in 1854 was hij kastelein te Lollum. Hieronder een advertentie waarin we kunnen lezen dat bestek en teekeningen ter inzage liggen bij J.T. IJpma (hier dus met een IJ). Het is niet helemaal duidelijk tot wanneer hij kastelein is geweest, maar in zijn sterfjaar 1866 was hij kooltjer (groentekweker) van beroep.

Briefjes

Hij overleed op woensdag 4 juli 1866, des morgens ten drie ure in zijn geboorteplaats Lollum. Jochum Tjallings Ypma werd 63 jaar oud. Was er in zijn huwelijksjaar sprake van een cholera epidemie, in zijn stervensjaar was dat wederom het geval. In één jaar tijd zouden er 21.000 mensen in Nederland aan de ziekte overlijden. De kans is bijzonder klein dat Jochum aan het virus is overleden, maar helemaal uitsluiten kunnen we het ook niet, want tussen 1 en 11 juli 1866 overleden 13 mensen in Friesland aan cholera.

Jacoba zou haar man ruim 20 overleven. We treffen haar op zaterdag 27 december 1884 bij notaris Fennema te Wommels. Op die dag verkocht ze haar huis met erf, en het recht voor levenslange bewoning aan de Diakonie der N.H. kerk van Ruigelollum. De koopsom bedroeg 2,50 gulden, wat omgerekend neer zou komen op 58 gulden, ofwel 26 euro. Een huis met erf dus voor de prijs van een tas boodschappen. En dan ook nog eens onbeperkt houdbaar.

Jacoba bleef in Lollum wonen en sleet er haar laatste levensjaren. Ze had geen kinderen, haar ouders waren allang overleden en ze was haar man verloren. Haar broer Johannes overleed in 1882, haar broer Ieme in 1886. Alleen haar oudere zuster Willemke leefde nog en woonde in Tzum, iets meer dan 8 kilometer verderop. Jacoba Jacobs Strikwerda overleed op zondag 23 januari 1887, des nachts ten twee ure te Lollum. Ze werd 74 jaar oud.

Advertenties