Hilbrand Jelles (1743-1824)

Plaats In De Stamboom
Ouders: Jelle Hilbrandts (1714-1792) & Siebrig Pieters Felsen (1720-1807)
Grootouders: Hilbrandt Jelles & Gryttje Martens

Hilbrand Jelles (Bruinsma) werd rond 1743 te Exmorra geboren. De exacte geboorte- en doopdatum zijn voor altijd verloren gegaan, want de kerkregisters van Exmorra uit deze periode zijn niet meer compleet. Zo weten we dus ook niet welke voornaam er bij de doop gebruikt werd. In latere documenten was het soms Hillebrand (zoals bij zijn eerste huwelijk), dan weer Hilbrand (bij zijn tweede huwelijk) en hij zou uiteindelijk als Hilbrant overlijden. Hij was het eerste kind van boer en meester timmerman Jelle Hilbrandts en Siebrig Pieters Felsen. Na hem zouden er nog twee broertjes en drie zusjes geboren worden: Pyter (1747), Marten (1749), Trijntje (1750), andermaal een Trijntje (1751) en Attie (1758). In augustus 1760 verruilde het gezin Exmorra voor Kubaard, waar ze op het boerenbedrijf Groot Lopens gingen wonen.

We mogen gerust aannemen dat Hilbrand op zondag meerdere keren naar de kerk ging. Maar dat betekende niet dat men niet bijgelovig kon zijn. Zo zullen er ongetwijfeld mensen in zijn nabije omgeving zijn geweest die aan ’t luiden der klok konden horen dat er weldra iemand zou overlijden. En om van kiespijn ontheven te worden, achten sommigen ’t zeer heilzaam een ouden paardenkies in den zak te dragen. En als een bloedneus niet te stelpen leek, moest men een rode, zijden draad om de hals laten binden door eene vrouw die tweelingen ter wereld heeft gebracht of zelf eene tweelinge is. Dan, zo zei men, zou het bloeden stoppen.Hilbrand was circa 27 jaar oud, toen hij op de bewolkte en stormachtige zondag 22 april 1770 te Tzum in het huwelijk trad met de 23-jarige Eeke Rommerts. Eeke was op donderdag 17 november 1746 te Tzum geboren als dochter van vader Rommert Feikes en moeder Corneliske Jochems. Na haar geboorte werd ze niet gedoopt en ze deed ook geen doop op belijdenis (volwassen-doop) toen ze in 1770 met Hilbrand in het huwelijk trad. Pas op vrijdag 2 april 1779 deed ze belijdenis en liet ze zich in de Hervormde Kerk te Lollum dopen:

Op heeden den 2 April is na voorafgaande Belijdenis van het hervormde Christelijke geloof
alhier gedoopt Eke Rommerts, huisvrouw van Hillebrand Jelles, Egtelieden onder Lollum,
zijnde gemelde Eke Rommerts oud 32 Jaaren, 4 maanden 16 dagen,
geboren te Tzum in ’t Jaar onzes H. 1746 den 17 November,
en heeft tot ouders Rommert Feikes, en Kornelia Jochúms, Egtelieden onder Tzúm.

Toen Hilbrand en Eeke met elkaar in het huwelijk traden, was Eeke al moeder van een zoontje. Het jongetje was in februari 1770 geboren, dus twee maanden voor het huwelijk. We gaan er vanuit dat Hilbrand de vader was, maar de vraag blijft waarom ze het huwelijk uitstelden tot na de geboorte van hun kind. Nu was het in de voorbije eeuwen niet gebruikelijk dat iemand een vrije dag kreeg om te trouwen. Dat was dan ook de reden waarom er zoveel huwelijk in mei plaatsvonden. Want de maand mei was van oudsher de verhuisdag in Friesland, en ook de tijd dat huurcontracten ingingen of afliepen. Maar Hilbrand en Eeke trouwden in april, dus de mei-maand was niet de reden waarom ze het huwelijk uitstelden. Wat de reden ook was, Eeke was niet getrouwd toen haar zoon Rommert geboren werd en het lijdt geen twijfel dat veel dorpsbewoners er schande van spraken. Hilbrand woonde op zijn huwelijksdag te Kubaard, Eeke te Tzum. Hieronder de trouwnotitie uit de kerkregisters van Tzum.

Op zondag 22 april 1770 trouwde hij te Kubaard met Eeke Rommerts de Boer. Eeke was geboren op donderdag 17 november 1746 te Tzum, op een bewolkte stormachtige dag. Zij was de dochter van Rommert Feikes de Boer en Corneliske Jochems. Eeke was niet gedoopt en liet dit alsnog doen op 2 april 1779 te Lollum (doop op belijdenis, zoals het heet). Hillebrand was 27 jaar oud op de dag van het huwelijk, Eeke was 23 jaar.

Hilbrand en Eeke zouden samen de volgende kinderen krijgen:

  1. Rommert, 24 februari 1770 Tzum – 18 november 1835 Harlingen (65 jaar)
  2. Sybrig, 9 augustus 1772 Tzum – onbekend, vóór 1811
  3. Jelle, 19 juni 1775 Lollum – 22 september 1863 Dronrijp (88 jaar)
  4. Korneliske, 10 november 1777 Lollum -13 mei 1811 Wommels (33 jaar)
  5. Neltje, 1 mei 1780 Lollum – 6 augustus 1780 Lollum (3 maanden)
  6. Feike, 5 juni 1781 Lollum – 13 februari 1835 Tzummarum (53 jaar)

Gezien het feit dat Eeke al moeder was voordat ze trouwde, is het verwonderlijk dat ze toch Tzum als woonplaats kozen. Het was in ieder geval niet voor lang, want ergens rond 1773-1774 verhuisden ze naar Lollum. Zoals we konden lezen werd Eeke in 1779 alsnog gedoopt en deed ze belijdenis. Slechts een paar jaar later, op donderdag 28 augustus 1783, overleed ze te Lollum. Eeke Rommerts werd slechts 36 jaar oud.
En zo bleef Hilbrand dus achter met vier of vijf opgroeiende kinderen. Zoon Rommert was 13 jaar toen zijn moeder overleed, Jelle was 8 jaar, Korneliske was 5 en Feike was slechts 2 jaar oud. De overlijdensdatum van Sybrig is niet bekend, dus het kan zijn dat zij toen ook nog in leven was. Hilbrand stond voor een vrijwel onmogelijk opgave en het was dan ook niet zo verwonderlijk dat hij vrij snel hertrouwde.
En zo was hij circa 42-jaar oud, toen hij op zondag 18 september 1785 te Lollum in het huwelijk trad met de 24-jarige Willemke Johannes (Noordhof).

Willemke was een dochter van Johannes Gerrits en Lysbeth Reinders. Ze werd op vrijdag 20 februari 1761 te Grijpskerk (Gr) gedoopt. Het zou heel goed kunnen dat dit ook haar geboortedatum was, want normaal gesproken wilde men een pasgeboren kind zo snel mogelijk dopen. Mocht een baby namelijk voor de doop overlijden, dan bleef het voor eeuwig steken in het voorgeborchte tussen hemel en hel. Hoe Willemke uiteindelijk in Lollum terecht kwam, is niet duidelijk. Waarschijnlijk woonde ze nog bij haar ouders thuis, maar toch: de afstand tussen Grijpskerk en Lollum bedroeg ruim 65 kilometer. Hieronder de trouwakte van Hilbrand en Willemke:

Hilbrand en Willemke zouden samen de volgende kinderen krijgen:

  1. Lijsbeth, 6 november 1786 te Lollum – 28 april 1854 te Lollum (67 jaar)
  2. Johannes, 19 mei 1788 te Lollum – 6 april 1813 te Groningen (24 jaar)
  3. Sybrigje, 11 februari 1791 te Lollum – 12 september 1872 te Tzum (81 jaar)
  4. Marten, 28 oktober 1792 te Lollum – 1 juli 1865 te Arum (72 jaar)
  5. Pieter (Pijtter), 28 mei 1796 te Lollum – 30 januari 1871 te Waaxens (74 jaar)
  6. Reinder, 7 juli 1803 te Lollum – 31 juli 1859 te Achlum (56 jaar)

Vlak voor het overlijden van zijn eerste vrouw werd Hilbrand diaken bij de Hervormde Kerk te Lollum. Een diaken was er om te troosten. Maar ook, als daar aanleiding toe was, om daadwerkelijk te helpen. Hij was het die namens de diaconie de armste gezinnen financieel kon ondersteunen. Ook kon hij vanuit zijn functie als diaken de begrafeniskosten van de allerarmste gezinnen betalen. Hij was diaken tussen 1782 en 1784 en tussen 1788 en 1790. Later werd hij ouderling bij de kerk: tussen 1795 en 1797, daarna nog een keer tussen 1802 en 1804, vervolgens tussen 1806 en 1808 en 1809 en 1811. Om als ouderling gekozen te worden moest iemand van onberispelijk gedrag zijn. In zijn ambt dacht hij na en besliste hij mee over kerkelijke beleidszaken. Maar zijn focus lag met name op het pastorale werk: het bezoeken van de leden der gemeente, het luisteren, adviseren, leiden.

Eeuwenlang was men zonder achternaam door het leven gegaan. Men had een voornaam en een patroniem: een directe verwijzing naar de vader. Hilbrand Jelles was simpelweg Hilbrand, de zoon van Jelle. Toch waren er in de 17e en 18e eeuw al mensen die de familienaam gebruikten. Zo kwam de naam Bruinsma (Bruynsma) al in 1551 in Friesland voor. In 1795 werd Nederland een departement van Frankrijk, en een paar later werd ons land ingelijfd door Napoleon. Tussen 1795 en 1815 was ons land bezet door de Fransen en zij waren het die in 1811 de Burgerlijke Stand invoerden. En dat betekende onder andere dat iedereen een familienaam moest aannemen. Het was woensdag 11 december 1811, toen Hilbrand zich bij de Burgerlijke Stand vervoegde. Hij verklaarde dat hij de naam van Bruinsma voor familienaam wilde aannemen, en dat hij heeft de volgende Zoons, Dogters, kleinz. kleind: te weten Rommert oud 39, Jelle 36, Feike 34, Lysbeth 25, Johannes 22, Sybrig 21, Marten 18, Pieter 15 en Reinder 9 Jaren. Jan oud 19 Jaar, zoon van Rommert, Gerrit 17, Eke 16, Hilbrand 15, Albert 10 Jaar, zoons en dogters van dezelve en Willemke oud 4 jaar dogter van Lysbeth, Luutske 3 en Coba oud 1 jaar, kinderen van dezelve. Uiteraard zaten er nogal wat fouten in de lijst. Als we ons beperken tot de kinderen van Hilbrand, dan constateren we dat Rommert in december 1811 41 jaar oud (en niet 39), Feike was 30 (niet 34) Johannes was 23 (niet 22), Sybrig was 20 (niet 21), Marten was 19 (niet 18) en Reinder was niet 9, maar 8 jaar oud. Maar het ging om de familienaam Bruinsma, en Hilbrand gebruikte de naam direct en met stijl: Hilbrant Jelles Bruinsma.

We zouden het bijna vergeten, maar Hilbrand was boer van beroep. Hij kon vrijwel zeker aan het licht zien wanneer er gezaaid moest worden, en aan de lucht voelen wanneer het tijd was om te oogsten. En hij was waarschijnlijk vele malen accurater dan welke hedendaagse weersvoorspelling dan ook. En accuraat moest hij zijn, want zijn bestaan (en dat van zijn gezin) hing er van af. Als de oogst mislukte, betekende dat maanden van armoede en honger. Hij moest de wolken kunnen lezen, de grond kunnen ruiken, de wind kunnen proeven. Eind april 1814 verscheen de onderstaande advertentie in de krant: 22 Melke KOEYEN, 3 schoone PAARDEN, 17 BIGGEN, melkemmers, kaasvaten, een ploeg en  nog veel meer werden te koop aangeboden. Wie gadinge maakt, kome, op vrydag den 6den mei aanstaande, des morgens precies ten 9 uren, ten huize van Hillebrand Jelles Bruinsma, te Lollum. 

Wie dacht dat de grote verkoop bedoeld was om het rustiger aan te doen, had het mis. Hilbrand zou tot de laatste dag van zijn lange leven als boer werkzaam zijn. Op donderdag 26 november 1818 zat hij bij de notaris, waar hij verklaarde in huringe te hebben aangenomen zekere Zathe (= boerderij) en landen met huizinge en schure, cum annexis (met wat erbij hoort) staande en gelegen onder den dorpe Lollum – groot naar naam en faam acht en veertig pondematen. De verhuurders waren Jurjen Ulbes de Boer en Sybren Louwes Bakker, beide boer te Lollum en beide handelend als diaken namens de Hervormde Gemeente Lollum. De huur werd aangegaan voor den tijd van zeven aan een volgende jaren tegen een jaarlijkse somma van vierhonderd twintig Nederlandsche Guldens in klinkende munt. 

Hilbrand zou het einde van het huurcontract niet meer meemaken. Hij overleed op vrijdag 26 november 1824, des avonds ten vijf uren te Lollum. De aangifte van overlijden werd gedaan door zijn zoon Pieter. In de overlijdensakte staat vervolgens iets heel merkwaardigs: gehuwd geweest met Willemke Johannes, boerin wonende te Arum. Terwijl Hilbrand in Lollum woonde (en daar ook overleed). Dat zou dus betekenen dat Hilbrand en Willemke niet meer bij elkaar waren. Officieel waren ze nog altijd getrouwd. Sterker nog: twee van hun kinderen trouwden in mei 1823 en in de huwelijksaktes lezen we dat Hilbrand en Willemke in Lollum woonden. Dat kan uiteraard een leugentje om bestwil zijn geweest, of anders zijn ze pas na mei 1823 uit elkaar gegaan. Zo bleek de man die jarenlang diaken en ouderling was geweest, die zovelen had getroost, geleid en geholpen, uiteindelijk toch ook maar gewoon een mensch van vleesch en bloedt te zijn. Zijn eerste vrouw was al moeder van een kind (zijn kind) toen hij met haar trouwde en zijn tweede huwelijk viel uit elkaar. Terwijl ze toch gezworen hadden den eenen den anderen nooit te zullen verlaten. Hilbrand Jelles Bruinsma werd 81 jaar oud.

Vijf maanden na het overlijden van Hilbrand was het Willemke die de resterende spullen in Lollum verkocht. Zoals we eerder zagen had Hilbrand al heel wat verkocht, maar er was nog genoeg over: een paard, schapen, een zeug met biggen, een hooiwagen, emmers, tobben, een kaaspers en nog veel meer. Den 25 april 1825, des morgens ten negen uren, ten huize van Willemke Johannes, weduwe Hillebrand Jelles, onder Lollum.

Willemke overleed op zondag 28 juni 1838, des namiddags ten vijf ure, in huizinge nummer 90 te Tzum. In de akte stond gewoon weduwe van Hillebrand Jelles Bruinsma. Willemke Johannes Noordhof werd 77 jaar oud.

Advertenties