Wimke Jans (1803-1825)

Top Bs2

Plaats In De Stamboom
Ouders: Jan Hendriks Bron (1778-1864) & Antje Brands (1779-1836)
Grootouders: Hendriks Arends Bron (1735-1803) & Aukjen Melles (1739-1804)

Wimke Jans werd op zondag 17 juli 1803 te Nijelamer geboren en te Wolvega en Sonnega gedoopt op zondag 14 augustus 1803. Ze was het eerste kind van vader Jan Hendriks Bron en moeder Antje Brands. Na Wimke zouden er in totaal nog acht kinderen volgen. Toen Jantje als laatste het gezin in 1824 geboren werd, was Wimke al 20 jaar oud. Vader Jan Hendriks was turfmaker van beroep en dit betekende dat het gezin nogal eens verhuisde, de veengronden achterna. Zo verhuisden ze rond 1806 naar Wolvega, rond 1814 naar Blesdijke en in 1824 naar Steenwijkerwold.

Wimke was 20 jaar jong, toen ze woensdag 22 oktober 1823, om 14.00 uur in de middag in het huwelijk trad met de 24-jarige Klaas Jans Deine. Klaas was in februari 1799 te Rottevalle geboren en was Mennoniet (Amish) van geloof. Zijn vader had de geboorte van zijn zoon dan ook niet in de gebruikelijke kerkregisters laten opnemen en Klaas was ook niet gedoopt. Voor het huwelijk werd dan ook een zogenaamde Akte van Bekendheid opgesteld, waarbij zes getuigen onder ede verklaarden dat Klaas Jans Deine in februari 1799 te Rottevalle was geboren en dus 24 jaar oud was. Hij was een zoon van vader Jan Lolkes Deine en moeder Sjoukje Klazen. Voor het huwelijk werd ook een andere akte opgesteld, waarin twee getuigen onder ede verklaarden dat Klaas Jans Deine in eenen behoeftigen toestand verkeerd en dus niet in staat was de kosten van de trouwakte zelf te betalen. Hij woonde in 1823 te Blesdijke, net als zijn bruid Wimke Jans, die arbeidersche van beroep was. Als getuigen traden op:

  • Jan Willems Stoker, 66 jaar, arbeider, woonachtig te Wolvega, aan de gehuwden vreemd
  • Thijs Roelofs Bonte, 60 jaar, arbeider, woonachtige te Wolvega, aan de gehuwden vreemd 
  • Jelle Uilkes Drijfhout, 55 jaar, kuiper, woonachtig te Wolvega, aan de gehuwden vreemd
  • Ritske Hendriks de Vries, 35 jaar, arbeider, woonachtig te Oldeholtwolde, aan de gehuwden vreemd 

Hand Winke

Wimke en Klaas kregen samen het volgende kind:

  1. Jan, 28 juni 1824 te Blesdijke – 4 februari 1825 te Steenwijkerwold (OV) (7 maanden)

Zoals we konden zien was Klaas Mennoniet. Mennonieten streven naar een geweldloze wereld, zijn voor een totale scheiding van kerk en staat, wijzen de kinderdoop af, weigeren de eed en volgens hun leer zijn er geen meerderen of minderen onder de mensen. Het streven naar een geweldloze wereld betekende trouwens niet dat Klaas de militaire keuring kon ontlopen. In het uittreksel van de Nationale Militie uit 1818 zien we dat Klaas 25 januari 1799 als geboortedatum opgaf. Iets, wat door zes getuigen bij zijn huwelijk werd tegengesproken en die allen verklaarden dat hij in februari 1799 geboren was. Hij werd voor een periode van een jaar vrijgesteld uit dienst, uit hoofde van gebrek aan lengte. Wat bijzonder opmerkelijk is, van Klaas van met zijn 1 meter en 60 centimeter meer dan geschikt om als militair te dienen. Dus welke reden er ook was om hem een jaar uitstel te geven; gebrek aan lengte was het zeer zeker niet! Dankzij deze keuring is de volgende beschrijving van hem achtergebleven:

  • Lengte 1 El 601 st. (st + strepen, waarbij 1 streep 1 millimeter was)
  • Aangezigt: lang
  • Voorhoofd: smal
  • Oogen: blaauw
  • Neus: spits
  • Mond: ordinair (= gewoon)
  • Kin: rond
  • Haar: blond
  • Merkbare Teekenen: geene

Wimke’s jongste zusje werd in februari 1824 geboren en haar eigen zoontje in juni 1824. Beide geboortes vonden in Blesdijke plaats. In de tweede helft van 1824 verhuisden beide gezinnen naar Steenwijkerwold. Dus zowel Wimke en haar gezin, als Wimke’s ouders en de kinderen. Wimke en Klaas vestigden zich in de gravenij van Sent Lenstra op Steenwijkerwold, waar Klaas als turfmaker werkte.

Veen

Het wilde maar niet stoppen met regenen in het najaar van 1824. Overal in Europa stond het water in de rivieren extreem hoog en toen een zware storm in november 1824 over ons land trok, kraakten de slecht onderhouden dijken in hun voegen. Tussen drie en vijf februari 1825 stormde het opnieuw en tot overmaat van ramp was het volle maan: springvloed. In Overijssel braken in de ochtend van de vierde februari al talloze dijken door. Alleen in het Noord-Westen van Overijssel op 22 verschillende plaatsen! Door het hoogteverschil tussen het waterpeil en het achterland stortte het water zich met een allesvernietigende kracht het land in. Wimke had haar kleine jongen in haar armen toen ze weggesleurd werd door het water en verdronk. Pas op 21 februari 1825 werden de lichamen van Wimke en haar zoontje Jan gevonden. In de akte lezen we dat het onder andere haar man Klaas was die de stoffelijke overschotten vond: gisteravond om 4 uur hebben [zij] gevonden het lijk van de vrouw van de eerstgenoemde, alsmede het zoontje van eerstgenoemde en zijn huisvrouw, welke in de watersnood zijn omgekomen, en onder Steenwijkerwold gevonden. We kunnen ons niet voorstellen welke verschrikking hij heeft moeten doorstaan toen hij het stoffelijk overschot van zijn vrouw en zijn kleine jongen aantrof. Wimke heeft het niet geweten, maar ook haar jongere zusje Sjoekje zou tijdens die vreselijke ramp verdrinken.

Stormvloed

Watervloed

In 1828 zou Klaas opnieuw in het huwelijk treden, ditmaal met de 21-jarige Geertje Jacobs Kremer. In april 1829 werd hij opnieuw vader, van een dochtertje ditmaal. Hij woonde toen nog steeds in Blesdijke en was arbeider van beroep. Niet lang erna zou het gezin verhuizen naar Oldemarkt in Overijssel.

Na het vertrek van de Franse troepen uit ons land in 1813 werden de schutterijen opnieuw opgericht. Hun doel was met name de rust en orde in de steden te handhaven. Sommige schutterijen werden echter ook getraind het land te verdedigen bij een mogelijke aanval. Dat was afhankelijk van het aantal inwoners per gemeente. Waren dit er minder dan 2500 inwoners dan was er sprake van een zogenaamde rustende schutterij. Dit betekende dat de mannen wel werden opgeroepen en ingeschreven, maar daar bleef het dan ook bij. Dat werd anders als er meer dan 2500 inwoners waren. Dan was er sprake van een dienstdoende schutterij, en dat betekende regelmatig exercitie- en schietoefeningen. Alleen bij oorlogsdreiging werden de rustende en dienstdoende schutterijen samengevoegd. En dat gebeurde tijdens de Belgische opstand, die in 1830 uitbrak. En zo rolde Klaas, die vanuit zijn geloof geweldloosheid nastreefde, ineens in de vuurlinie. Hij werd ingedeeld bij de 1e Compagnie, 2de Bataljon van de Mobiele Overijsselse Schutterij. Dat klonk trouwens professioneler dan het in werkelijkheid was. Zo arriveerde een Schutterij uit Gelderland op klompen, met een zakdoek aan een stok als vaandel. Uniformen waren er vaak niet, laat staan schoenen of wapens. Het was zoals generaal Cort Heyligers opmerkte: een chaos. Maar ook toen de uniformen en wapens uiteindelijk wel aanwezig waren, ging er nog van alles mis. Toen de veldtocht augustus 1831 eindelijk van start ging, voelden vele schutters zich gehinderd door alle balast die ze mee moesten torsen. Dezelfde generaal schreef: de schutters smijten alles weg, ransels, kleedingstukken, kookketels, bidons…zelfs lagen vele geweren langs den weg.

De veldtocht zelf zou Klaas niet meer meemaken. Deze geweldloze man stierf als schutter op dinsdag 5 juli 1831, om vijf uur in de ochtend, in het militair hospital van Vlissingen. In de overlijdensakte uit Vlissingen lezen we dat hij in 1831 in Drachten woonachtig was. Dit is echter onjuist, want een tweede overlijdensakte van Klaas is niet te vinden in Friesland, maar wel in Overijssel. Daarnaast was hij schutter bij de Overijsselse Schutterij. Klaas Jans Deine werd slechts 33 jaar oud.